Langdurigezorg.nl

Kennisbank afgeronde ondersteuningsprogramma's bij veranderingen in de langdurige zorg.

Verslag transitiebijeenkomst Den Haag (18 juni 2014)

Het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) organiseerde in mei en juni 2014 in samenwerking met veldpartijen regionale transitiebijeenkomsten over de Hervorming langdurige zorg. Woensdag 18 juni kwamen ruim 150 zorgaanbieders, gemeenten, cliëntorganisaties en zorgverzekeraars naar de Haagse Hogeschool. Onderwerp van gesprek: de komende transitie, toegespitst op de regionale aanpak.

Manon Jansen van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) lichtte de stand van zaken toe. Daarbij was ruim tijd voor vragen. Bijvoorbeeld over toegang, cliëntenrechten en de rol van de huisarts. Corine Vreugdenhil van zorgverzekeraar DSW en Jelle Metz van de gemeente Westland presenteerden de samenwerking van 4 Haaglandengemeenten. De daaropvolgende discussie ging vooral over de inbreng van het cliëntperspectief.

Waarom is hervorming van de langdurige zorg nodig? Het is een van de eerste sheets in de presentatie van Manon Jansen, programmamanager hervorming langdurige zorg. De hervorming moet leiden tot:

  • Betere kwaliteit van ondersteuning en zorg
  • Meer voor elkaar zorgen
  • Financiële houdbaarheid van de langdurige zorg

Vragen over het tweede doel is Manon Jansen voor: ‘Meer voor elkaar zorgen is een lastig punt. Maar feit is dat de overheid nog steeds uit het collectief zaken betaalt die mensen best zelf kunnen regelen. Dat vraagt om een cultuurverandering. Maar we beseffen wel dat dat niet bij iedereen kan.’

Overgangsrecht

Manon Jansen licht kort de 3 wetten toe die de hervorming mogelijk maken: de Wmo 2015, de Zorgverzekeringswet (Zvw) en de nieuwe Wet langdurige zorg (Wlz).

Ook het overgangsrecht binnen de Wlz passeert de revue. En dan met name van cliënten met een intramurale indicatie die nu thuis wonen. Hoge ZZP’s hebben straks automatisch toegang tot de Wlz. Lage ZZP’s moeten voor 31 december 2015 kiezen: intramuraal wonen binnen de Wlz of thuis blijven wonen met zorg en ondersteuning uit de Wmo en de Zvw. ‘Wat is laag?’, vraagt een aantal mensen in de zaal. Manon Jansen: ‘Voor de V&V-sector geldt dat ZZP 1 tot en met 3 laag zijn, deze cliënten moeten dus kiezen. In de andere sectoren zijn ZZP 1 en 2 laag.’

Herindicaties

Er zijn ook vragen over herindicaties. Verdwijnen die en zo ja, wat komt ervoor in de plaats? Het antwoord is geruststellend. In de Wlz blijven herindicaties gewoon bestaan, wanneer de zorgvraag toeneemt. Net als nu is het CIZ verantwoordelijk. In de Zvw indiceren de professionals, op basis van een normenkader opgesteld door de beroepsgroep.

Cliëntenrechten

Een van de aanwezigen uit zijn zorgen over de cliëntenrechten: ‘Zoals het er nu naar uitziet gaan de cliëntenrechten in de nieuwe situatie heel hard achteruit.’ Daar zijn de vertegenwoordigers van het ministerie van VWS het niet mee eens: ‘Het wordt anders, maar dat betekent niet dat het minder wordt. Cliënten kunnen straks op basis van een gesprek met de gemeente een voorziening uit de Wmo aanvragen. En als ze het aanbod niet passend vinden, kunnen ze bezwaar en beroep aantekenen. Het doel van de hervorming is juist dat er individuele, passende oplossingen komen.’

Rol huisartsen

‘Hoe is in de nieuwe situatie gegarandeerd dat cliënten op de juiste plek terechtkomen?’, luidt een volgende vraag. Manon Jansen: ‘Toegang tot de Wlz gaat via het CIZ. Toegang tot de Zvw en de Wmo kan voor cliënten lastig zijn. Daarom wordt geïnvesteerd in wijkteams mét een wijkverpleegkundige.’ En wat wordt de rol van huisartsen in de transformatie? ‘Goede vraag’, zegt Manon Jansen. ‘Hun rol wordt huisartsen anders. Er blijven meer mensen met zwaardere zorg thuis wonen. Huisartsen zullen meer samenwerking met wijkverpleegkundigen moeten zoeken, bijvoorbeeld via een praktijkondersteuner die participeert in de wijkteams.’

Doemscenario’s

Een van de aanwezigen merkt op dat in theorie een knelpunt kan ontstaan wanneer extramuraal wonende cliënten met een lage ZZP-indicatie in 2015 massaal kiezen voor een instelling. Regiobudgetten kunnen dan ontoereikend blijken, met als gevolg dat cliënten tussen wal en schip vallen. Het antwoord van VWS is kort en duidelijk: ‘Er zijn zoveel doemscenario’s mogelijk! Wij stellen voor de handen ineen te slaan en knelpunten op te lossen als ze zich voordoen.’

Praktijkvoorbeeld AWBZ naar Wmo – H4-gemeenten gaan relationeel contracteren

4 gemeenten in de regio Haaglanden – Delft, Westland, Rijswijk en Midden-Delfland, kortweg de H4-gemeenten – kopen samen zorg in voor de Wmo 2015. Inhoudelijke ondersteuning krijgen ze van DSW Zorgverzekeraar. Jelle Metz, beleidsadviseur en inkoper Wmo/AWBZ bij de gemeente Westland, en Corine Vreugdenhil, strategisch beleidsadviseur bij DSW Zorgverzekeraar, vertellen over deze samenwerking.

De H4-gemeenten hebben een inkoopteam, waarin ook DSW participeert. Dit kernteam komt wekelijks samen. Aanvullende expertise schuift zo nodig aan, bijvoorbeeld juridische adviseurs of experts op het gebied van bedrijfsvoering. Ook vindt veel afstemming plaats met 2 regionale werkgroepen: inkoop jeugdzorg en systematiek. Vooral vereenvoudiging van de administratieve lasten staat daarbij centraal.

Jelle Metz typeert het inkoopbeleid van de H4-gemeenten als zakelijk en innovatief. ‘We kiezen voor bestuurlijk aanbesteden omdat dat de mogelijkheid biedt tot aanpassingen. Bovendien is het eerlijk en transparant, iedereen kan meedoen. Innovatie bevorderen we door anders te organiseren. Niet alleen dit jaar, ook daarna. Daarom werken we met een ontwikkelovereenkomst en resultaatafspraken.’

Vervolgens licht Jelle Metz de stand van zaken toe. Op 8 mei is het inkoopproces feitelijk begonnen met een startbijeenkomst. Via een website heeft iedereen gelegenheid gehad zijn mening over de ontwikkelovereenkomst te geven. Inmiddels is de overeenkomst definitief, de meeste partijen gaan nu ondertekenen. De resultaatafspraken komen deels virtueel en deels via dialoogtafels tot stand. ‘Dat zijn zeer leerzame bijeenkomsten voor gemeenten, omdat ze direct input uit het veld krijgen.’ De komende periode organiseren de H4-gemeenten dialoogtafels over bekostiging met zorgaanbieders uit verschillende sectoren.

Voor zorgverzekeraar DSW was de samenwerking met de gemeenten vanzelfsprekend. ‘De gemeenten en DSW zijn straks de belangrijkste financiers in het domein zorg en welzijn’, zegt Corine Vreugdenhil. De doelen van de samenwerking zijn helder:

  • Continuïteit van zorg borgen en zorgen voor een goede aansluiting
  • Bezuinigen
  • Versterken van de competenties van zowel gemeenten als verzekeraar

Het laatste doel is het belangrijkste, aldus Corine Vreugdenhil. ‘Gemeenten weten wat de burger wil en nodig heeft, want ze kennen de burger uit andere domeinen. De verzekeraar weet juist veel van zorg en zorgconsumptie.’

De samenwerking speelt zich af op verschillende niveaus:

  • Wettelijk verplichte afstemming en overheveling
  • Intentieovereenkomst met de H4-gemeenten. Hierin is inkoop slechts een van de thema’s. Andere thema’s zijn het scheiden van wonen en zorg, vastgoed, de wijkverpleegkundige, ict, administratieve lasten. Onderdeel van de intentieovereenkomst zijn bijeenkomsten voor cliëntorganisaties en Wmo-adviesraden. ‘Om met hen te spiegelen hoe de samenwerking eruit ziet.’
  • Contractpartner zijn. DSW heeft een adviesrol in het inkoopteam, over inkoopbeleid, bekostiging, onderhandelen en contracteren en data-analyse. ‘Dat doen we omdat we daar verstand van hebben.’

Cliëntperspectief

Het is een mooi praktijkvoorbeeld, waaraan volgens de zaal alleen het cliëntperspectief ontbreekt. Meerdere aanwezigen verbazen zich dat er geen cliëntorganisaties aan de dialoogtafels zitten. Terwijl dat wel een meerwaarde kan hebben. ‘Ze hebben vaak goede ideeën. Het kan echt geld schelen als je die ideeën direct meeneemt’, klinkt het uit de zaal. Of: ‘Het zorgt voor betrokkenheid en je voorkomt tegenkracht achteraf.’ Ook om vernieuwing tot stand te brengen is de inbreng van cliënten nodig, vindt de zaal. ‘Het doel van innovatie is meer zelfredzaamheid van mensen. Geef die mensen dan ook een stem!’ Jelle Metz en Corine Vreugdenhil benadrukken dat er wel degelijk op andere momenten veel contact met cliëntorganisaties en Wmo-raden is. Wel zeggen ze toe dit punt mee naar huis te nemen.

Tijdpad

Andere vragen die het praktijkvoorbeeld oproept gaan over het tijdpad. Jelle Metz beaamt dat het heel belangrijk is om zorgaanbieders zo snel mogelijk duidelijkheid te geven. Daarom willen de H4-gemeenten voor de zomer de resultaatafspraken afronden en uiterlijk 1 oktober contracten afsluiten. Ook vanuit VWS wordt 1 oktober als een soort uiterlijk datum gezien, om frictie op de arbeidsmarkt te voorkomen. De beleidsmedewerkers benadrukken dat de ministeries van VWS en Sociale Zaken hier samen veel aandacht voor hebben. De bijeenkomst eindigt met een hartenkreet van een van de aanwezige zorgaanbieders: ‘We denken te veel in barrières en vanuit beheersing. Vergeet niet dat een bestuurder een ondernemer is. En de hervorming is een kans om de innovatieve kanten van onze organisaties te laten zien.’

Verslag door Ingrid Brons

Meer weten

› bekijk alle 21 artikelen over Hervorming langdurige zorg

Hervorming Langdurige Zorg

Via Hervorminglangdurigezorg.nl is de sector langdurige zorg in 2014 en 2015 geïnformeerd over de hervorming langdurige zorg.

Meer over dit programma